Archive for the ‘Noord-Frankrijk’ Category

Y

Wednesday, May 20th, 2009
Ik had al eens gehoord van het dorpje Å in Noorwegen, maar ben er pas net achter dat Frankrijk ook een eenletterplaats heeft: Y, in het departement Somme in het noorden. Y heeft 80 inwoners, Ypsiloniens genoemd. Een daarvan is Robert. Hij vindt het een heel mooi dorp met een kerk, een plein, een sportcafĂ© en een bakker. Leuk aan Y vindt hij dat het een dynamisch dorp is met enorm veel leven in de brouwerij en met stedelijke projecten die behoren tot de belangrijkste van heel PicardiĂ«. Minder leuk vindt hij de vervuiling in Y. De belangrijkste Ypsilonien is burgemeester Charles Carpentier, ofwel Karel Timmerman, tenminste, als hij in 2008 herkozen is. Dat kon ik zo gauw niet vinden. Hier nog meer korte geografische namen, waaronder naamgenoot Y in Alaska.

U verlaat Y. Foto: Bruno Deshayes

Esperanto: blijven hopen

Tuesday, September 16th, 2008

PhotobucketFoto: Malias

Ok, lieve lezers, Parijsblog komt weer op gang. Morgen een fotoquiz en de muziek + een fraaie foto van Emile staan ook ingepland. In afwachting van mooie verhalen en spannende belevenissen hier eerst een stukje uit den ouden doos, over Esperanto.

Bonvenon en Bulonjo-ĉe-Maro
In Het Parool van 29 maart 2005
BOULOGNE-SUR-MER – “Bonvenon en Bulonjo-ĉe-Maro,” klinkt het uit de stationsspeakers in het Noord-Franse havenstadje Boulogne-sur-Mer. Vooral grijsaards, al dan niet met een lange baard of sandalen, stappen de trein uit. Tot en met morgen vieren Esperantosprekers uit de hele wereld het eeuwfeest van het officiĂ«le bestaan van hun taal. In 1905 vond in dezelfde plaats het eerste ‘universele’ (destijds een modewoord) congres plaats, waarin de regels werden vastgelegd.
In een tijd dat Engels meer dan ooit dé wereldtaal is geworden, blijven de zogenoemde Esperantisten zich daartegen verzetten. Ze vinden het niet eerlijk dat Engelstaligen bevoordeeld zijn bij gesprekken met anderstaligen.
Brian Moon, zelf één van de schaarse Engelse Esperantosprekers, herinnert zich hoe hij in Finland ooit een groepje zakenlui observeerde. “De Finnen hadden duidelijk betere plannen, maar de Engelsman kreeg zijn zin, omdat hij zich beter uit kon drukken,” zegt hij. “Esperanto is een neutrale taal, waardoor iedereen gelijk is.”
Moons vrouw, de Française Claude Nourmont – thuis spreken ze Esperanto – is vice-voorzitter van de Universele Esperanto Vereniging, waarvan het bureau in Rotterdam is gevestigd. Het aantal sprekers wereldwijd is volgens haar moeilijk te schatten. Het zijn er minstens enkele tienduizenden (het aantal leden van de diverse verenigingen) tot naar schatting maximaal vijf miljoen. “Maar dat is wel erg optimistisch,” geeft ze toe.
De taal werd eind negentiende eeuw bedacht door Louis-Lazare Zamenhof uit het stadje Bialystok in het huidige Polen. Toentertijd maakte dat deel uit van Rusland. Thuis sprak hij Russisch, op straat Pools en op school leerde hij Frans, Duits, Latijn en Grieks.
Hij was van mening dat één simpele hulptaal de mensen wereldwijd nader tot elkaar zou brengen. Nog steeds zijn Esperantisten in grote meerderheid idealisten. Nieuwe vriendschappen zijn voor velen een belangrijke reden de taal te leren.
Esperantosprekers roemen de puurheid van hun taal. De woordenschat komt uit Romaanse en in mindere mate uit Germaanse en Slavische talen. Alle regels zijn volstrekt logisch en uitzonderingen bestaan niet. Iemand met een redelijke kennis van Frans, Spaans en/of Latijn, gecombineerd met Engels en Duits, begrijpt de taal vrijwel zonder moeite.
Esperanto wordt nu zelden nog serieus genomen door niet-sprekers, maar kende enkele glorieuzere momenten. In de jaren zestig leerden veel utopisten de taal. De Nederlandse congresganger Hylke Bron (77) herinnert zich nog dat de telefooncellen de taalkeuze Esperanto hadden. “Maar ook toen al dachten we dat het vooral een taal van een vorige generatie was. Dat denkt iedere generatie eigenlijk.”
Na de Eerste Wereldoorlog had de taal een echte mogelijkheid tot doorbraak. De Volkenbond, voorloper van de VN, bestudeerde de mogelijkheid tot gebruik van Esperanto, maar stuitte vooral op Frans verzet. Frans was toen immers nog de dominante taal in de internationale diplomatie.
De ironie wil dat de taal tegenwoordig juist relatief populair is in Frankrijk. Zoals meer van zijn landgenoten ziet Alain Chalm Esperanto als een laatste strohalm tegen de Amerikaanse wereldoverheersing. “Door Engels te spreken halen we het paard van Troje binnen,” zegt hij. Verder kende Esperanto in Oost-Europa vrij veel aanhang, maar sinds de American Dream vijftien jaar geleden ook daar zijn intrede deed, groeit de invloed van Engels snel. Alleen in Hongarije is de taal volgens Nourmont een optioneel eindexamenvak.
Grijze haren overheersen op het congres in Boulogne. De 23-jarige perswoordvoerder Xavier Dewidehem vormt een uitzondering. Internet is volgens hem de nieuwe motor van de taal. Daardoor gaan steeds meer mensen weer Esperanto leren, al is dat moeilijk aan te tonen.
Ook Nourmont ziet mogelijkheden voor de taal, bijvoorbeeld in de EU, waar de spraakverwarring nog groter is geworden met de toetreding vorig jaar van tien landen met negen nieuwe talen. Ze is echter realistisch genoeg te beseffen dat de Europese Parlementsleden niet snel Esperanto zullen spreken. “Maar,” zegt ze, “in 1985 dacht niemand serieus aan de val van de Berlijnse Muur. Die viel vier jaar later toch. Ook wij blijven hopen.”

Calais: voormalig communistisch bastion

Thursday, April 10th, 2008
Zo ziet een ex-communistisch bastion eruit. Zevenendertig jaar maakten de commi’s de dienst uit in het belfort van Calais. Bij de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen was Calais echter een van de schaarse lichtpuntjes voor regeringspartij UMP, die de macht overnam.

Stadhuis van Calais. Foto: Olivier van Beemen

Bienvenue chez les Ch'tis: 16,7 miljoen bezoekers

Friday, April 4th, 2008
De succesfilm Bienvenue chez les Ch’tis (kijk hier voor eerdere berichten) trok inmiddels al 16,7 miljoen Fransen naar de bioscoop, meer dan een op de vier inwoners. De ruim 17 miljoen van La Grande Vadrouille (1966), het grootste Franse bioscoopsucces aller tijden, zijn nu wel erg dichtbij. De bijna 21 miljoen bioscoopkaartjes voor Titanic zijn wellicht te hoog gegrepen, maar wie weet. U hebt overigens nog een recensie van me te goed. Die komt zo snel mogelijk.

Het Franse lied: Roken is dodelijk – The tribe of the invicibles

Thursday, April 3rd, 2008
Tja, grappig is het wel: dat er een Franse band is (uit Lille) met de Nederlandse naam ‘Roken is dodelijk’. Waar is dat ook: roken is dodelijk. Maar de muziek (van dit liedje in ieder geval) is zeer middelmatig.

Het Franse lied:

Tiken Jah Fakoly – Africain Ă  Paris * Marc Lavoine – Dis-moi que l’amour ne s’arrĂȘte pas lĂ  * Alfa Rococo – Les jours de pluie (Filles Fragiles) * Sheila – Bang bang * BĂ©nabar – Le DĂźner * Mano Negra – Pas assez de toi / Mala vida * Charlotte Gainsbourg – The songs that we sing * La Rue KĂ©tanou – Des cigales dans la fourmiliĂšre * TĂȘtes Raides – Saint-Vincent * Dave – Vanina * Saez - Jeune et con * France Galle – Ella, elle l’a * Louise Attaque – Je t’emmĂšne au vent * Indochine – L’aventurier * Abd Al Malik – Gibraltar * Olivia Ruiz – La femme chocolat * Jean-Michel Jarre – OxygĂšne * Zebda – Je crois que ça va pas ĂȘtre possible * Johnny Hallyday – Que je t’aime * Les fatals Picards – L’amour Ă  la française * Noir DĂ©sir – Le vent nous portera * Alain Souchon – Le baiser * Cali – C’est quand le bonheur ?

Alle Fransen positief over Noord-Frankrijk?

Sunday, March 30th, 2008
Nee, één groepje voetbalsupporters van Paris Saint Germain verzet zich tegen de hype rond de Ch’tis, de nieuwe knuffelberen van Frankrijk. Tijdens de finale van de Coupe de la Ligue in het Stade de France gisteren verwelkomden ze het voetbalteam uit Lens (dat in tegenstelling tot Bergues wel echt in het Ch’ti-gebied ligt) met het spandoek: ‘Pedofielen, werklozen en inteelt: Bienvenue chez les Ch’tis’ (foto van France 3 bij Lepost.fr).
PSG won de beker (2-1) maar krijgt waarschijnlijk ook een zware straf. De club heeft een reputatie op het gebied van supporters die zich misdragen. De voorzitter PSG bood zijn excuses aan en zei dat zijn plezier goeddeels vergald was door de actie.

Bienvenue chez les Ch'tis – Groeten uit Bergues

Saturday, March 22nd, 2008
Frankrijk is in de ban van de Ch’tis (spreek uit: sjti), sympathieke noorderlingen die normaal gesproken vooral geassocieerd worden met werkloosheid, drank, Front National en overgewicht. Hun plotselinge populariteit danken zij aan de bioscoophit Bienvenue chez les Ch’tis. Afgelopen zaterdag bezocht ik met fotograaf Ilse Leenders Bergues, het stadje waar de film is opgenomen. Hier ons verslag. Meer nieuws op Ch’tiNN.

Postbode Bernard Bolle van Bergues. Geen rol in Les Chti’s, toch cultfiguur. Toen we hem voor het eerst zagen, werd hij gevolgd door eem cameraploeg. Toeristen willen massaal met hem op de foto.

Nicolas en Jean-Claude uit Duinkerken. Hebben Bienvenues chez les Ch’tis niet gezien. Overwegen te kijken ‘als hij op cassette uitkomt’. Houden meer van carnaval. Hebben zich netjes aangekleed, omdat J-C’s 22-jarige zoon vandaag trouwt. Daar blijft J-C nuchter onder. ‘Dat moest een keer gebeuren.’

Gids Jacques Martel tijdens de Ch’ti Tour. Hier bij het huis van postbode Antoine (Dany Boon) en zijn moeder. Eerder liet hij ons ‘de kerk zien die wel heel mooi is, maar helaas niet in de film voorkomt’. Speelt carillon, net als Antoine. Is wethouder cultuur en communicatie en had verdere politieke ambities. Maar dat wist u al.

CafĂ© ‘In het Universum’ aan de Place de la RĂ©publique van Bergues. Uitbater Alain VĂ©drine komt net als postbode Philippe Abrams in Les Ch’tis uit de Provence en had dezelfde vooroordelen tegen het noorden. Wil nu niet meer terug naar het zuiden. Is nog wel fan van Olympique Marseille.
De Ieperstraat in Sint-Winoksbergen (Bergues). We zijn hier in Vlaanderen, waar de Ch’tis eigenlijk helemaal niet vandaan komen. Die wonen meer naar het oosten richting Rijssel (Lille) en naar het zuiden richting Lens en BĂ©thune. Hun taal, Ch’ti, is een andere naam voor het Picardisch en heeft ook sprekers in BelgiĂ«.
In Bergues vonden wij niemand die zich aan deze geografische onjuistheid ergerde, aangezien de publiciteit het stadje bekendheid, toeristen en inkomsten oplevert. Toch zijn er enkele Vlamingen die niet blij zijn met de Ch’ti-isering van hun gebied. Hun grieven leest u hier.

Lunch in Bergues: patat-frikandel.

De Waalse familie De Geyter op bezoek in Bergues. Vader De Geyter, werkzaam bij de Navo, staat erop Vlaams met ons te praten. Hij hoopt dat de film ook snel in Nederland te zien is, wat volgens distributeur Pathé het geval zou moeten zijn. Raadt ons verder de film Disco aan, die op 2 april uitkomt. Hoe/waar De Geyter hem toch al zag, bleef onbekend.

Bienvenue chez les Ch'tis: 12,5 miljoen fans

Thursday, March 20th, 2008
De teller van de Franse kaartverkoop staat na drie weken op 12,5 miljoen. Een op de vijf Fransen is naar de bioscoop gegaan voor Bienvenue chez les Ch’tis, een sypmathieke film van Dany Boon over de gastvrijheid in Noord-Frankrijk.
Volgens kenners maakt de film zelfs een kans La Grande Vadrouille te verdringen van de eerste plaats van best bezochte Franse film aller tijden (17 miljoen bezoekers) Wellicht kan het aantal bezoekers zelfs titanische proporties aannemen (Titanic trok in Frankrijk bijna 21 miljoen bezoekers).
Afgelopen zaterdag reisde ik af naar Noord-Franse Bergues, het plaatsje waar de film is opgenomen, waarvan u hier alvast een voorproefje zag. Binnenkort een uitgebreid verslag op mijn blog.

Patrick Kluivert in het Franse hoge noorden

Sunday, December 2nd, 2007
IJskoud is het in het noodstadion Stadium Lille MĂ©tropĂŽle in de voorstad Villeneuve d’Ascq net buiten Lille (Rijsel voor de Vlamingen). Spelers en supporters wachten al jaren op een nieuw stadion, maar dat komt er maar niet. Tot die tijd zijn ze aangewezen op een veredelde atletiekarena buiten de stad.
Wanneer ik met een Engelse vriend naar binnen wil lopen, houdt een steward ons tegen als hij onze kaartjes ziet. ‘Dit is de ingang voor les places de merde (de kutplaatsen), jullie hebben een goede plek, daar verderop.’ Heerlijk, die Noord-Franse eerlijkheid.
Onze betere plek blijkt in ieder geval overdekt, wat in de stromende regen geen overbodige luxe is. Wij rillen al van kou en hebben enigszins te doen met de toeschouwers op de kutplaatsen.
Ik ben afgereisd omdat de wedstrijd ook een Nederlands tintje heeft: Patrick Kluivert (Lille) tegen Boudewijn Zenden van Olympique Marseille. Dat team wordt bovendien gecoacht door de halve Nederlander Eric Gerets (ex-PSV). Na mijn mindere ervaring vorige week, twijfelde ik even of ik wel moest gaan, maar ik besloot dat het een aardige afleiding is.
Gerets houdt Zenden deze avond op de bank, maar Kluivert speelt gelukkig wel. En hij scoort zowaar, zijn eerst velddoelpunt sinds hij voor Lille OSC uitkomt. Marseille komt snel terug door Niang, waarna de wedstrijd verder nauwelijks om aan te zien is. Het commentaar van mijn vriend over Kluivert is redelijk positief. He was the only player in his team who looked remotely like a football player.
In het perszaaltje komt een twintigtal journalisten na afloop samen voor de persconferenties van Gerets en Claude Puell, de trainer van Lille. Ik vind persconferenties nooit zulke fijne situaties, maar durf Gerets toch een vraag te stellen. Ik vraag hem wat hij van het niveau en de speelwijze vindt van de Franse competitie (die is in mijn ogen bijzonder saai, defensief en niet bijster hoogstaand, maar dat zeg ik niet).
Gerets antwoordt vermoeid dat hij die vraag al 25 keer heeft beantwoord, maar dat hij het nog wel een 26ste keer wil doen. Hij vindt de ligue un van hoog niveau en vooral technisch zeer interessant.
Dan komen de eerste spelers binnendruppelen achter een soort hekje in de zaal, waardoor ze gescheiden blijven van het journaille. Ik vraag een jonge vrouw of zij weet om welke spelers het gaat, maar ze blijkt een sportverslaggeefster uit Nederland, die voor Spits hetzelfde idee had als ik.
Zenden komt niet, maar Kluivert verschijnt strak in het pak het perszaaltje. Hij oogt enthousiast en lijkt behoorlijk afgevallen de laatste tijd. We hebben een aardig gesprekje, maar helaas slaag ik er niet in hem binnen korte tijd politiek incorrecte uitspraken te ontlokken. Hij ziet het nietige, deprimerende Lille (mijn woorden) als ‘nieuwe uitdaging’. Nu hij heeft laten zien goed te kunnen voetballen voor grote clubs, wil hij dat ook laten zien bij een kleinere club.
Hij zegt het verder goed naar zijn zin te hebben en heeft nog steeds de ambitie voor het Nederlands elftal te spelen. Hij hoopt vooral te schitteren met de Olympische ploeg in Peking volgend jaar.
Het uitgebreide verslag staat morgen in (een deel van) de regionale kranten.

Dromen van Europa

Monday, November 12th, 2007

Overleven in de jungle van Calais

‘We willen leven als Europeanen,’ vertelt een jonge Afghaan me. Zeven maanden is hij onderweg geweest van Kaboel naar Calais in Noord-Frankrijk. Negenduizend euro heeft hij aan een mensensmokkelaar betaald. En nu bevindt hij zich op 30 kilometer van zijn reisdoel, Engeland.
De laatste etappe is echter een van de lastigste, omdat de controle bijzonder strikt is. Toch slagen vrijwel alle illegale immigranten – vaak na tientallen pogingen – erin het beloofde land te bereiken. Tot die tijd wonen ze, volgens schattingen gemiddeld zo’n drie maanden, in de jungle. Zo noemen ze de bossen in en rond Calais tegenwoordig toepasselijk. Ik ging er vandaag kijken en was diep onder de indruk. Dromen van Europa…
Deze week volgt een verslag in de regionale kranten en meer op mijn blog.