Archive for the ‘cinema’ Category

Schnitzelparadijs en Shouf Shouf Habibi in Parijs

Monday, February 27th, 2006
De Nederlandse film heeft zelden groot succes in Frankrijk. De enige twee films die ik in het reguliere programma in Parijs heb weten te ontwaren, zijn Amsterdamned lang geleden en sinds een paar weken Guernesey.
Verder organiseert het Nederlands cultureel instituut in Parijs, het Institut NĂ©erlandais, regelmatig een filmavondje in de bioscoop L’Archipel. Zo stond afgelopen avond Schnitzelparadijs op het programma: een heerlijk avondje Hollandse multicultihumor.
Vorig jaar toonde dezelfde bioscoop Shouf Shouf Habibi, gevolgd door een debat over minderheden in de Franse en Nederlandse film. In theorie interessant, in de praktijk tegenvallend. Ik schreef daar destijds voor Het Parool dit vrij kritische verhaal over:

Shouf Shouf in Frankrijk

PARIJS – Pijnlijk was het om de hiĂ«rarchie in de Europese filmwereld van dichtbij te aanschouwen. De populairste Nederlandse film van vorig jaar, Shouf Shouf Habibi, beleefde na de nodige inspanning van het Nederlands cultureel centrum in Parijs gisteren zijn premiĂšre in Europa’s grootste filmland, Frankrijk. Dat gebeurde niet in een prestigieus filmpaleis, maar in een klein zaaltje in een mindere buurt, niet ver van het Gare du Nord.
Bijna alles wat mis kon gaan, ging mis. Belangstelling was er, maar of dat nu kwam doordat de uitgaansgids van het toonaangevende blad Le Nouvel Observateur had aangekondigd dat het Institut Finlandais (moet zijn: Néerlandais) een filmavond organiseert, valt te betwijfelen. In ieder geval kon niet iedereen naar binnen en er moesten noodstoeltjes geplaatst worden. Na een chaotische kaartverkoop liep vervolgens de filmrol ergens midden in de film vast, wat gelukkig na een tiental minuten werd opgelost.
Het meest gĂȘnant was het aangekondigde debat over film en integratie in Frankrijk en Nederland, dat dankzij een slechte discussieleidster, een slechte tolk en slechte techniek nooit een debat werd.
Catherine Humblot, de discussieleidster en journaliste van de krant Le Monde, toonde een Franse journalistieke specialiteit: haar vragen waren geen vragen maar uiteenzettingen en duurden meestal langer dan de antwoorden die volgden.
Dan de tolk. Zij vertaalde ‘Bill Cosby-strategie’ als ‘stratĂ©gie biocosmique’, toen de aanwezige hoofdrolspeler Mimoun OaĂŻssa uitlegde dat er meestal twee mogelijkheden zijn weggelegd voor Marokkaanse acteurs in Nederland: de perfect geĂŻntegreerde, geĂŻdealiseerde buitenlander Ă  la Bill Cosby – “vaak speel je dan advocaat of dokter” – of het criminele type. Gelukkig kon bijna niemand de tolk verstaan, want het geluid van haar microfoon werkte nauwelijks.
De filmmaker en acteur Chad Chenouga, Fransman van Algerijnse afkomst, vertelde dat het er in Frankrijk weinig anders aan toe gaat. Eerst vroegen ze hem vooral voor bandietenrolletjes en nu is hij ook al drie keer advocaat geweest. “Ik wil nu ook wel eens dokter spelen,” grapte hij.
Heel even werd het interessant, toen ter sprake kwam waarom de film vrijwel overal in Europa verkocht is, behalve in Frankrijk. Regisseur Albert ter Heerdt, had wel een idee. In goed Frans vertelde hij hoe de Franse verkoopbemiddelaar hem verteld had ‘dat ze in Frankrijk zo’n film zelf ook wel kunnen maken.’
Humblot, die beter statements kan maken dan vragen stellen, denkt dat het ook te maken heeft met de Franse voorliefde voor elitaire films. “De Franse filmwereld is bang voor volkse films,” zegt ze. Bovendien hebben haar landgenoten een fixatie op politiekcorrectheid, veel meer dan in Nederland. In Frankrijk bestaat volgens haar een goede kans dat critici Shouf Shouf Habibi zouden betichten van racisme door alle stereotypen die gebruikt worden voor de Nederlandse Marokkanen. Misschien komen we het ooit nog te weten. Ter Heerdt benadrukte meerdere malen dat de film nog te koop is voor de Franse markt. De filmreus heeft echter vooralsnog weinig interesse voor de bestbezochte productie bij de filmdwergen.

Les Bronzés 3: Amis pour la vie

Tuesday, February 21st, 2006
De middelmatigheid duurt voort. Na Les BronzĂ©s en Les BronzĂ©s font du ski nu een derde deel (foto). Net als de meeste vervolgen op succesfilms lijkt de belangrijkste reden voor de productie duidelijk: geld. (Voor liefhebbers is dit een aardige site, met foto’s van de diverse BronzĂ©s eind jaren zeventig en nu)
In deel drie waagt regisseur Patrice Leconte een poging een soort van plot te introduceren. De oude vriendenclub komt samen in een resort op SardiniĂ«. De hoofdrol is voor JĂ©rĂŽme (Christian ‘AstĂ©rix’ Clavier). Die is behalve mislukt in de plastische chirurgie gescheiden van Gigi (Marie-Anne Chazel). Op SardiniĂ« hoopt hij haar hart opnieuw te veroveren, maar stuit daarbij op een probleem: ze blijkt op het punt te staan te trouwen met de voormalige oppernerd Jean-Claude Dusse, die in The States helemaal is opgebloeid.
Hoewel de film in twee weken al zesenhalf miljoen bezoekers trok, zijn veel Fransen nu ook kritisch over hun culthelden uit de jaren zeventig. Kijkers noemen de film rampzalig, niet grappig of één grote marketingoperatie.

Nog één woord over het eind, dat ik uiteraard niet zal verklappen. Het houdt het midden tussen een misplaatst politiek statement en een opening tot een vierde deel. Ik zou graag andere meningen daarover horen. Laat me die weten als je de film toevallig ook hebt gezien.

Les Bronzés

Sunday, January 15th, 2006
La honte. Inclusief een Erasmusjaar in Dijon woon ik al meer dan vier jaar in Frankrijk en ik heb nog nooit de film Les Bronzés (Patrice Leconte, 1978) gezien, laat staan deel twee: Les Bronzés font du ski (1979). Zonder die essentiële ervaring zou ik de Fransen nooit begrijpen, en vooral hun humor, is mij meermaals verzekerd.
Om de kapitale lacune in mijn culturele integratie op te vullen organiseerde ik gisteren, nog net voordat Les Bronzés 3: Amis pour la vie uitkomt, een Bronzés-avondje bij mij thuis met één landgenote die net zo onwetend was als ik en twee Franse gasten. Die konden ons alle legendarische zinsneden uitleggen die uit de films zijn voortgekomen.
De verhalen zijn eenvoudig: in deel één maakt een groep toeristen kennis met de resortvakanties, die eind jaren zeventig populair werden met de opkomst van Club Med. De film is opgenomen in het nu door oorlog verscheurde Ivoorkust, destijds een populaire en relatief welvarende bestemming. In deel twee gaat diezelfde groep skiën in de Alpen.
Een echte plot kennen de films niet: het is een sfeerschets van het leven van les beaufs (ordinaire lui) met veel basale humor: valpartijen, onhandigheden en vooral dus veel ‘legendarische dialogen’. Zowel beaufs zelf als niet-beaufs moeten om de film lachen. Voor veel Fransen met manieren en een bovengemiddelde opleiding is het een cultfilm. Op dansfeestjes is bovendien het BronzĂ©s-dansje, met vaste beweginkjes als in de vogeltjesdans, een vaste prik.
De dialogen gaan als volgt. Twee Duitse meisjes zeggen met een sterk accent: ‘Goedenavond, wij gaan slapen,’ waarop twee BronzĂ©s (‘gebruinden’) antwoorden: ‘Goedenavond, wij gaan ze neuken’. (‘Bonsoir nous allons nous coucher‘, ‘Bonsoir nous allons les niquer‘).
Zinnen als ‘ik heb een opening’ (‘j’ai une ouverture‘), wanneer je een goede kans maakt een meisje te versieren of ‘ik stond op het punt van afronding’ (‘j’Ă©tais sur le point de conclure‘) zijn sinds de films doorgedrongen tot het dagelijks taalgebruik, met enige ironie uiteraard. ‘Van sommige uitdrukkingen weet je niet eens meer dat ze uit Les BronzĂ©s komen,’ zei een van de gasten.
Veel acteurs van het acteursgezelschap (Le Splendid) zijn inmiddels of nog steeds grote namen in de Franse cinema. Enkele voorbeelden: Gérard Jugnot (Monsieur Batignole, 2001 en Les Choristes, 2004), Thierry Lhermitte (Le diner de cons, 1998), Marie-Anne Chazel (Les Visiteurs, 1993) en Christian Clavier (Les Visiteurs, 1993 en Astérix et Obelix contre César, 2002).
Echt groot fan kan ik mezelf nog niet noemen. De cultfactor ontging me enigszins, maar wellicht moet ik de films daarvoor een keer of acht zien, zoals de meeste Fransen.
Aan het eind van de avond volgde een kleine deceptie. ‘Je kent Les Nuls niet?’ werd me vol onbegrip gevraagd, terwijl we napraatten. Daarmee ontdekten ze een nieuwe lacune in mijn zoektocht naar de Franse volksaard.

Waarschuwing

Friday, January 6th, 2006
Waarschuwing: ga niet naar de nieuwste film van Luc Besson, Angel-A, mocht die ook in Nederland uitkomen. De fraaie zwart-witbeelden van Parijs zien er verleidelijk uit, maar daarachter gaat een flinterdun verhaaltje schuil met zeer matig acteerwerk: een engel met de toepasselijke namen Angela (Rie Rasmussen) leert de ongelukkige AndrĂ© (Jamel Debbouze) van zichzelf te houden. Voor hen die de engel niet direct in haar naam herkennen, heeft Besson een liggend streepje in de titel gezet. De dialogen zijn slecht, de pseudo-diepgang bijna gĂȘnant en Rasmussen kan beter mannequin blijven dan doorgaan in de filmwereld.

Kirikou

Sunday, December 18th, 2005

We kenden al:

Kirikou n’est pas grand, mais il est vaillant (dapper)
Kirikou est petit, c’est mon ami

Nu is er ook:
Kirikou est petit
Mais il réfléchit
(denkt na)

Kirikou est petit
Il nous nourrit
(of guérit: hij voedt en geneest ons)

Terwijl de internationale filmwereld in de ban is van een grote aap, maakt in de Franse cinema een klein bloot negertje de dienst uit: Kirikou. Vorige week kwam na Kirikou et la sorciĂšre deel twee uit: Kirikou et les bĂȘtes sauvages. Hoewel ik groot fan ben, gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat de opvolger minder sterk is dan het origineel, zoals wel vaker het geval is. De tekenfilm bestaat uit vier aparte verhaaltjes, waarin de verstandige en dappere Kirikou steeds zijn dorp redt van de bedreiging die de heks (uit deel 1) nog steeds vormt. Het integrale avontuur Kirikou tegen de heks was spannender.
Twee bizarre weetjes: de film, die zich afspeelt in een niet gespecificeerd land in Afrika, wordt om mij onduidelijke redenen financieel gesteund door de regio Poitou-Charentes, waar voormalig premier Jean-Pierre Raffarin vandaan komt en waar de potentiële presidentskandidate SégolÚne Royale nu de dienst uitmaakt.
En ik heb gehoord dat de tekenfilm niet in Amerika vertoond mag worden, omdat Kirikou voortdurend poedelnaakt rondloopt. Bovendien zijn de vrouwen in zijn dorp en de mooie heks topless. Daar kun je kleine kinderen natuurlijk niet mee choqueren.